Mint
← Terug naar blog Hormonen & cyclus

Er is niet één oestrogeen, maar een hele familie

17 oktober 2026 · Thirza Wondergem
Thirza Wondergem met een houten kist etherische olie

We praten vaak over 'oestrogeen' alsof het één hormoon is. En dit hormoon is dan te hoog, te laag of uit balans. Maar 'het oestrogeen' bestaat niet. Net zoals je niet zomaar over 'de hormonen' kunt praten als het om je cyclus gaat. Oestrogeen is een familie van hormonen, elk met een eigen sterkte, een eigen herkomst en een eigen moment in je leven. En minstens zo interessant is wat je lichaam ermee doet als het zijn werk heeft gedaan. In deze blog neem ik je mee, van aanmaak tot afvoer.

Hoe oestrogeen wordt gemaakt

Alle oestrogenen zijn steroïdhormonen en worden gemaakt uit cholesterol. Onderweg passeren ze een tussenstation dat je misschien niet verwacht: mannelijke hormonen, zoals testosteron en androsteendion. Een enzym genaamd aromatase zet die om in oestrogeen. Je eierstokken, vetweefsel, hersenen en botten bevatten allemaal aromatase. Daardoor kan je lichaam op veel plekken oestrogeen maken, ook buiten de eierstokken.

17-bèta-oestradiol (E2): de belangrijkste

Oestradiol is het sterkste oestrogeen en de belangrijkste vorm tijdens de vruchtbare jaren. Het wordt vooral aangemaakt in de eierstokken, door de cellen rond de rijpende eicel. Oestradiol stuurt de opbouw van het baarmoederslijmvlies, maar doet veel meer. Het speelt een rol in je hersenen, botten, bloedvaten, huid en suikerhuishouding. Als we het in het dagelijks leven over oestrogeen hebben, bedoelen we meestal oestradiol.

Oestron (E1): het oestrogeen van na de overgang

Oestron is een stuk zwakker. Het is er ook in de vruchtbare jaren, maar wordt grotendeels in vetweefsel gemaakt, onder andere uit grondstoffen uit je bijnieren zoals DHEA (lees ook deze blog over DHEA). Na de menopauze stoppen de eierstokken met de aanmaak van oestradiol en wordt oestron het belangrijkste oestrogeen in je lichaam. Je hebt na de overgang dus nog steeds oestrogeen, alleen een andere soort, uit een andere bron en in een veel lagere hoeveelheid.

Oestron en oestradiol kunnen ook in elkaar worden omgezet. Ze staan niet los van elkaar, maar vormen een systeem dat steeds in beweging is.

Oestriol (E3): het zwangerschapsoestrogeen

Oestriol is het zwakste van de drie bekende oestrogenen. Buiten de zwangerschap is er maar weinig van, als afbraakproduct van oestradiol en oestron. Tijdens de zwangerschap maakt de placenta er grote hoeveelheden van, met grondstof die voor een groot deel uit de bijnieren van de baby komt. Moeder, placenta en kind werken hier samen. In de reguliere zorg wordt oestriol gebruikt als vaginale crème, bijvoorbeeld bij droogheid van het slijmvlies na de overgang.

Oestetrol (E4): het oestrogeen dat bijna niemand kent

Er is nog een vierde. Oestetrol wordt alleen tijdens de zwangerschap gemaakt, door de lever van de baby. Lang was onduidelijk wat de functie ervan was. Sinds een paar jaar wordt het gebruikt in een anticonceptiepil. Dit is een goed voorbeeld van hoe kennis over het menselijk lichaam nog steeds groeit.

En het oestrogeen in de pil?

De meeste anticonceptiepillen bevatten geen lichaamseigen oestrogeen, maar ethinylestradiol. Dat is een synthetische variant die je lever veel langzamer afbreekt. Bij hormoontherapie in de overgang wordt in Nederland juist meestal oestradiol gebruikt, dezelfde vorm die je eierstokken zelf maken. Het woord 'oestrogeen' kan dus heel verschillende stoffen betekenen.

Waarom niet elk oestrogeen hetzelfde doet

Oestrogenen werken via receptoren: sloten op je cellen waar het hormoon als sleutel in past. Die receptoren zitten door je hele lichaam, van hersenen tot darm. Niet elk oestrogeen past even goed in elk slot. Daardoor heeft een sterk oestrogeen als oestradiol een ander effect dan een mild oestrogeen als oestriol, ook al heten ze allebei oestrogeen.

Wat gebeurt er met oestrogeen na gebruik?

Als oestrogeen zijn werk heeft gedaan, ruimt je lever het op. Dat gebeurt in twee stappen.

Stap 1: ombouwen. De lever hangt een zogenaamde hydroxylgroep aan het oestrogeen. Dat kan op drie plekken, en daarmee kiest je lever een route:

  • De 2-route levert 2-hydroxy-oestron op. Deze route wordt over het algemeen als de mildste gezien.
  • De 16-route levert 16-hydroxy-oestron op, dat nog een relatief sterke oestrogene werking heeft.
  • De 4-route levert 4-hydroxy-oestron op. Daaruit kunnen stoffen ontstaan die cellen kunnen beschadigen als ze niet goed verder worden verwerkt.

Stap 2: onschadelijk maken. Via een proces dat methylering heet, worden de producten van de 2- en 4-route omgezet in een rustige vorm (2-methoxy- en 4-methoxy-oestron) die veilig kan worden afgevoerd. Voor methylering heeft je lichaam onder andere B-vitamines en magnesium nodig.

Wist je dat de nummers in die namen verwijzen naar een plek in het hormoon? Alle steroïdhormonen hebben hetzelfde basisgeraamte van vier ringen met genummerde koolstofatomen. '4-hydroxy-oestron' is dus simpelweg oestron met een hydroxylgroep op plek 4.

Daarna gaat het oestrogeen via de gal naar je darm. Daar bepalen je darmbacteriën mee of het echt wordt afgevoerd, of dat een deel weer in je bloed wordt opgenomen. Deze groep bacteriën heet het estroboloom. Je hormoonbalans hangt dus niet alleen af van je eierstokken, maar ook van je lever en je darm.

En hoe zit het met 'oestrogeendominantie'?

Misschien ben je deze term weleens tegengekomen. Het klinkt overzichtelijk, maar het is geen medische diagnose. Meestal wordt er een relatief tekort aan progesteron ten opzichte van oestrogeen mee bedoeld. Maar er bestaat geen vaste meetmethode of grenswaarde voor, en beide hormonen schommelen sterk door de cyclus heen.

Wat er wél kan spelen, is bijvoorbeeld dit: in de perimenopauze vindt niet meer elke cyclus een eisprong plaats. In zo'n cyclus wordt geen progesteron aangemaakt, terwijl oestradiol wel gewoon wordt geproduceerd, soms zelfs extra. Dat is een concreter en eerlijker verhaal dan één verzamelterm. En het laat zien dat je altijd moet kijken naar welk hormoon, in welke fase en waarom.

Wat kun je meten?

Bloed laat zien hoeveel hormoon er op één moment rondgaat. Urine laat zien wat je lichaam heeft verwerkt en afgevoerd. In urine kun je daarom niet alleen meten hoeveel oestrogeen er is, maar ook hoe je lichaam het opruimt. Denk aan:

  • De oestrogenen zelf: oestradiol, oestron en oestriol
  • De afbraakproducten van stap 1: 2-, 4- en 16-hydroxy-oestron
  • De afbraakproducten van stap 2: 2- en 4-methoxy-oestron

Vaak worden in hetzelfde onderzoek ook de afbraakproducten van progesteron, DHEA, testosteron en cortisol gemeten. Zo zie je hoe je hormonen met elkaar samenwerken.

Hormoononderzoek bij Mint

Bij Mint kun je een hormoononderzoek in urine laten doen. Samen kijken we vooraf of dat in jouw situatie zinvol is, en daarna bespreken we de uitslag in het licht van jouw verhaal, je levensfase en je klachten. Een uitslag is namelijk altijd een momentopname, en pas in de context wordt hij echt waardevol.

Wil je weten of een hormoononderzoek iets voor jou is? Plan een gratis kennismakingsgesprek van 20 minuten.

Lees ook

Deze informatie is bedoeld ter inspiratie en vervangt geen medisch advies. Bij aanhoudende klachten raadpleeg altijd een arts.

Plan een kennismaking

Bekijk het aanbod en de tarieven →

Thirza Wondergem, natuurgeneeskundig therapeut
Geschreven door Thirza Wondergem Natuurgeneeskundig therapeut · NWP Westers, specialisme Natuurgeneeskunde Over Thirza →
Meer blogs in de gratis Mint app Open de Mint-app